![]() |
|
|
Bot en Wekedelen
Bot en Wekedelen
BottumorenKwaadaardige tumoren die uitgaan van het bot van het aangezichtsskelet zijn zeldzaam: de incidentie is 0,07/100 000. Het histologische type is gelijk aan dat van de vaker in andere delen van het skelet voorkomende gezwellen: osteosarcoom, chondrosarcoom, maligne lymfoom (vroeger reticulosarcoom genoemd) en Ewing-sarcoom. Daarnaast kent men de odontogene tumoren. Dit zijn gezwellen die ontstaan in relatie met het gebit of de aanleg ervan. De bekendste zijn het ameloblastoom en het myxoom. Evenals de eerstgenoemde groep komen zij vooral in de mandibula voor. Ze groeien lokaal destructief, maar metastaseren niet. Metastasen van carcinomen elders in het lichaam laten het aangezichtsskelet relatief ongemoeid, terwijl ze buiten het hoofd-halsgebied de meest voorkomende maligne processen in het bot zijn. Als ze voorkomen, hebben zij een voorkeur voor de mandibula. In de meeste gevallen zijn ze afkomstig van mamma-, long- en niercarcinoom. Een zwelling van de mandibula die gepaard gaat met hypesthesie van de onderlip door aantasting van de n.alveolaris inferior, moet aan een primaire of secundaire bottumor doen denken. Veel van deze tumoren en daarop gelijkende afwijkingen kan men vroegtijdig op het spoor komen door vóór tandheelkundige behandeling röntgenologisch onderzoek te verrichten: tandfilms, orthopantomogram. |
| contact |